Carbendazim
Stoffen: bentazon – carbendazim – isoproturon – methomyl – terbutylazin
Korte samenvatting van de analyse en de belangrijkste oplossingsrichtingen. Zie voor een uitgebreide toelichting het uitvoeringsprogramma van carbendazim (pdf).
Carbendazim is toegelaten voor de bestrijding van schimmels in diverse gewassen via gewas-, dompel-, grond-, of zaadbehandeling. Carbendazim was een belangrijk middel voor de bolontsmetting van bloembollen. Sinds 2001 is deze toepassing verboden voor de vollegronds bloembollen. Sindsdien wordt thiofanaat-methyl hiervoor gebruikt. Een belangrijk afbraakproduct van thiofanaat-methyl is carbendazim.
Carbendazim wordt het hele jaar door aangetroffen in het oppervlaktewater. Na analyse van de metingen blijkt dat carbendazim het meest frequent en met de meeste normoverschrijdingen wordt aangetroffen in gebieden met bloembollen (oktober-november) en fruitteelt (augustus-november). Daarom zijn er twee expertmeetings georganiseerd: één voor de bloembollenteelt en één voor de fruitteelt. Overigens wordt carbendazim ook gevonden in gebieden met glastuinbouw, boomteelt, akkerbouw, vollegrondsgroenten en in het effluent van de rioolwaterzuiveringsinstallatie (RWZI) vanuit gemeentelijk gebied. De norm voor waterkwaliteit (de wettelijke MTR) is voor carbendazim in december 2004 verruimd van 0,11 µg/l naar 0,5 µg/l.
Fruitteelt
In de fruitteeltgebieden blijkt uit de monitoringsgegevens van waterschappen dat het aantal monsterpunten met normoverschrijdingen, na de verruiming van de norm (de wettelijke MTR) voor carbendazim in 2004, sterk is afgenomen.
De experts identificeerden als mogelijke emissieroute het onzorgvuldig lozen van fruittransportwater. Voor het sorteren van het fruit na opslag gebruikt men steeds vaker systemen met water. Een voordeel van dit systeem is dat het fruit minder stootplekken oploopt. Een nadeel is dat het water verontreinigd raakt met de op het fruit aanwezige residuen van bestrijdingsmiddelen. In augustus en september wordt het fruit voor de pluk tweemaal bespoten met carbendazim tegen vruchtrot. Afhankelijk van het aantal fusten dat geleegd is in het fruittransportwater schommelt de concentratie carbendazim tussen de 4 en 60 µg/l.
Voor lozing van deze afvalwaterstroom op het riool zijn in het huidige Lozingenbesluit open teelt en veehouderij (Lozingenbesluit) nog geen voorschriften opgenomen, omdat tijdens de totstandkoming van het Lozingenbesluit, deze technologie nog geen betekenisvolle omvang had. De Unie van Waterschappen (UvW) heeft de stand van zaken uitgezocht rondom de aanpassing van regelgeving over fruitttransportwater in het Lozingenbesluit open teelt en veehouderij.

Bloembollen
In de loop der jaren zijn vele maatregelen genomen om de emissies van het bollenspoelen en ontsmetten te beperken. Dit heeft duidelijk effecten gehad. Tot 2000 is de gemiddelde concentratie van carbendazim sterk afgenomen. Sindsdien schommelt de gemiddelde concentratie carbendazim in de monsters rond de 0,5 µg/l. In de maanden oktober tot half december loopt de concentratie op tot 1 µg/l (zie onderstaande figuur).

Gemiddelde concentratie carbendazim in oppervlaktewater in µg/l gemeten in bloembollengebieden in Noord-Holland, Zuid-Holland en de Flevopolder. Bron: Voortgangsrapportage landelijk milieuoverleg bloembollen 2003-2004.
Het gebruik van carbendazim en de concentraties in het water blijken moeilijk te koppelen. Elk jaar worden in het bolontsmettingseizoen op één meetpunt normoverschrijdende concentraties carbendazim gevonden, zonder dat op het aangrenzende perceel activiteiten met bollen plaatsvinden. carbendazim blijft een probleemstof in bloembollengebieden. De experts vermoedden dat niet alle emissieroutes voldoende geïdentificeerd zijn, gedacht werd aan nalevering uit het sediment van de slootbodem. Laterale uitspoeling via drains acht men op basis van praktijkmetingen geen belangrijke bron. In opdracht van Schone bronnen hebben PPO en Alterra slib als bron van carbendazim onderzocht. De resultaten wijzen uit dat slechts in enkele gevallen het carbendazim uit slib lijkt bij te dragen aan de normoverschrijding in het water. Al met al lijkt nalevering uit sediment slechts een beperkte rol te kunnen spelen bij het ontstaan van normoverschrijdingen op de onderzochte locaties.
