2,4-D

Stoffen: 2,4-D – MCPAdichlobenildimethenamid-ppirimifos-methyl

2,4-D is geselecteerd omdat het een grond- en oppervlaktewaterknelpunt is volgens Vewin. Onderstaand een korte samenvatting van de analyse en de belangrijkste oplossingsrichtingen. Zie voor een uitgebreide toelichting ‘Implementation programme 2,4-D’ (pdf).

Toelating
2,4-D is toegelaten als breedwerkend onkruidbestrijdingsmiddel in grasgroenbemesters, in de fruitteelt onder appel- en perenbomen en onder windschermen, op tijdelijk onbeteeld land, op akkerranden en randen van weilanden en op braakliggend bloembollenland. Diverse andere toepassingen zijn voor de monoformulering sinds mei 2007 verboden.

Meetgegevens
In oppervlaktewater wordt 2,4-D regelmatig aangetroffen boven de drinkwaternorm. De residugegevens tonen een relatie met het gebruik in intensieve landbouw. Ook in gebieden met fruitteelt wordt 2,4-D aangetroffen. In grondwater van 10 meter diepte is 2,4-D éénmalig aangetroffen in een concentratie van 6,7 µg/l.

Emissieroutes en oplossingsrichtingen
Agrarisch gebruik is als belangrijkste emissieroute geïdentificeerd. De emissie is waarschijnlijk afkomstig van drift, van run-off en van lekkage door de drainage. Hierbij spelen weersomstandigheden en het gebruik van emissiebeperkende materialen een rol. De belangrijkste oplossingsrichtingen richten zich op het voorlichten over goed gebruik van het middel in combinatie met de materialen en de weersomstandigheden. Deze voorlichting moet bij voorkeur door verschillende afzenders op locatie worden gegeven, en worden gecombineerd met lokale gegevens over 2,4-D in oppervlakte- of grondwater. Op deze wijze worden de gebruikers zich meer bewust van de gevolgen van het (onzorgvuldig) gebruik van 2,4-D. De ontwikkeling van een brochure is een eerste stap. Aanvullend hierop hebben akkerbouwers problemen met pioniersgewassen afkomstig van grond grenzend aan infrastructuren (HSL lijn) of gebouwen (industrieterreinen). Van deze grond is het vaak onduidelijk wie verantwoordelijk is voor het onkruidbeheer, waardoor dit beheer achterwege blijft. Akkerbouwers hebben dan last van onkruid en gebruiken meer 2,4-D. De stuurgroep Schone bronnen heeft besloten om de oplossingsrichtingen voor niet-agrarisch gebruik te rapporteren aan de Stuurgroep Implementatie Duurzaam Terreinbeheer (SIDT).

Gerealiseerd door Schuttelaar & Partners